Bewaking dwangarbeiders

‘Arnhem, Sint Jansschool, Klarendal, zondag 7 januari 1945. Kwart voor 8 opstellen. Met één SA-man en Frits de soldaat naar de tankval. […] Frits is een miezerig scheel mannetje, een mijnwerker uit Limburg.’

Tijdens razzia’s en transporten; in kampen en op bouwlocaties: overal en altijd zijn er bewakers. Voor de bezetter is die noodzakelijke bewaking wel een zorg. Duitsland voert in 1944 al vijf jaar oorlog. De eens zo imposante Wehrmacht en de SS hebben miljoenen mannen verloren. Ervaren militairen beginnen schaars te worden. Daarom roept de Wehrmacht hulptroepen in voor grootschalige acties. De dwangarbeiders krijgen te maken met tal van veiligheidsdiensten, ordetroepen en (para)militaire organisaties.

De mannen bij de verdedigingslinie kunnen een hele rij opsommen: ‘Bruinhemden’, NSB’ers, bewapende OT’ers, bewapende NSDAP’ers, Rijksduitsers, militairen van de Wehrmacht, leden van de Grüne Polizei, de Hollandse SS, de Nederlandse Landwacht, de SA, de WA, de Gestapo en de Duitse SS.

Gedeeltelijk overlappen deze groepen elkaar. Een OT’er kan tegelijk een NSDAP’er zijn en/of een Rijksduitser. Voor een goed begrip, volgt hier een overzicht van de betrokken partijen.

Overzicht van de Duitse en Nederlandse bewakingsdiensten

  • Bruinhemden – Zie SA.
  • Gestapo Geheime Staatspolizei, de politieke of geheime politie in nazi-Duitsland.
    Het is onzeker of de Gestapo in het voorkomende geval (in Zevenaar) echt betrokken is bij de bewaking van dwangarbeiders, of dat de Gestapo met een controle bezig was.
  • Grüne PolizeiOrdnungspolizei (ordepolitie). Lokle politie-eenheden die dagelijkse politietaken uitvoeren in nazi-Duitsland. ‘Grüne Polizei’ genoemd vanwege hun groene uniform.
    Assisteert bij razzia’s, onder andere in Rotterdam en Utrecht.
  • Hollandse SS – Nederlandse SS, een elitekorps, vanaf 1 november 1942 genaamd Germaansche SS in Nederland. Een politieke formatie die eveneens dienst doed als reservoir voor de Waffen-SS. De Nederlandse SS’ers dragen een zwart uniform.
  • Nederlandse Landwacht – De Nederlands(ch)e Landwacht wordt in november 1943 van Duitse zijde opgericht als Nederlandse paramilitaire organisatie.
  • NSB – Nationaal-Socialistische Beweging in Nederland, bestond van 1931 tot 1945. De NSB fungeert als anti-democratische collaboratie-partij tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Tijdens de oorlog nemen NSB’ers steeds meer ambtelijke en bestuurlijke posten over.
  • NSDAP – Nationaalsocialistische Duitse Arbeiderspartij. In Duitsland tijdens de Tweede Wereldoorlog oppermachtig met Hitler aan het hoofd. Deze partij heeft dan een allesbepalende invloed op het werk en leven van de Duitse bevolking.
    Wat de dwangarbeiders betreft, treedt de NSDAP op als een soort bewaker, werkgever, uitzendbureau en beheerder van verblijfskampen ineen.
  • OT Organisation Todt. Duitse bouworganisatie die de aanleg van grote verdedigingswerken uitvoert, onder meer in Nederland tijdens de bezetting.
    In principe is de OT geen bewakingsdienst. Wel worden Duitsgezinde Nederlanders opgeleid tot toezichthouder. Zij dragen zwarte uniformen en een armband met daarop de tekst Organisation Todt. (Het standaard OT-uniform is geelbruin met rood.) Een deel van de OT-medewerkers loopt in Arnhem zelfs ongewapend rond, totdat de geallieerde aanvallen toenemen.
  • Rijksduitsers – Duitstalige bewoners van het Duitse Rijk, dat bestond van 1871 tot in 1945.
    Zij begeleiden de dwangarbeiders tijdens transporten, zijn aanwezig in de kampen en begeleiden de arbeiders naar werklocaties. Het kunnen ook gewone OT-medewerkers zijn.
  • SA Sturmabteilung, een paramilitaire beschermingsdienst of knokploeg. De leden worden Bruinhemden genoemd. In 1921 door Hitler opgericht om partijvergaderingen van de NSDAP te beschermen. De SA moest ook politieke tegenstanders intimideren. In 1934 nam de SS de paramilitaire rol van de SA over.
    SA’ers bewaken dwangarbeiders in kampen en op bouwlocaties. Leden van de SA en de Duitse SS kunnen elkaars bloed wel drinken, zoals dwangarbeiders in Arnhem mogen ervaren.
  • SS – Duitse SS. Schutzstaffel (beschermingsafdeling), ook bekend als ‘Zwarthemden’. Een paramilitaire organisatie en elite-eenheid binnen de NSDAP. Tot 1943 bestond de SS uit vrijwilligers; daarna werden ook dienstplichtigen ingelijfd.
    Dit is de meest gewelddadige organisatie waarmee de Nederlandse dwangarbeiders en de plaatselijke bevolking worden geconfronteerd. De SS wordt gevreesd en is doorgaans evenmin geliefd bij andere Duitse organisaties. SS’ers lijken tamelijk ad hoc betrokken te zijn bij de arbeidsinzet. Zij duiken op tijdens razzia’s en transporten, en incidenteel als bewakers op bouwlocaties. Soms is onduidelijk welke SS-groepering precies wordt bedoeld. ‘SS’er’ kan als scheldnaam zijn gebruikt. In Zevenaar wordt de Gestapo de ‘Zwarte SS’ genoemd.
  • Veldgendarmerie – De Feldgendarmerie (veldpolitie) was de Duitse militaire politie en onderdeel van de Wehrmacht. De leden droegen een metalen halsketting met een plakkaat waarop ‘Feldgendarmerie‘ stond.
    Iemand van de veldgendarmerie is bewaker en toezichthouder op het graafwerk voor een tankval in Arnhem.
  • WA – Weerbaarheidsafdeling. Paramilitaire ordedienst en knokploeg van de NSB. Opgericht in 1932 om leider Anton Mussert te beschermen tegen aanvallen van politieke tegenstanders. Eveneens ‘Zwarthemden’ genoemd vanwege hun zwarte uniformen met rode kraagspiegel.
    WA’ers werken als bewakers van de dwangarbeiders in de kampen en op bouwlocaties.
  • Wehrmacht – Het leger van nazi-Duitsland. Het leger bestond uit het Heer (landmacht), de Kriegsmarine (zeemacht) en de Luftwaffe (luchtmacht). Militairen moesten aan Hitler persoonlijk trouw zweren. Aanvankelijk waren Duitse soldaten beter getraind en uitgerust dan de geallieerden.
    Wehrmacht-militairen worden ingezet voor razzia’s en transporten van dwangarbeiders. Ook begeleiden zij dwangarbeiders van het kamp naar de bouwlocatie. Daarnaast zien ze toe op het werk. Dergelijke taken worden vooral toevertrouwd aan oudere en deels invalide militairen.
    Verder bewaken militairen van de Wehrmacht de grenzen van het spergebied. En uiteraard zijn zij rechtstreeks betrokken bij gevechten in het frontgebied.
  • Zwarthemden – Zie SS en WA.

Mogelijk zijn in bepaalde plaatsen nog andere partijen betrokken bij de bewaking van dwangarbeiders.
Een voorbeeld is de grootschalige razzia in Rotterdam. Hiervoor zetten de Duitsers 8.000 manschappen in. De militairen van de Wehrmacht vormen op de mannelijke bevolking geen overmacht, maar zij zijn wel bewapend. Nederlandse politieafdelingen helpen verplicht mee. Ook biedt de SS-Freiwilligen-Grenadier-Brigade Landstorm Nederland assistentie, evenals de Grüne Polizei, de Hollandse SS en een aantal NSB’ers. Zelfs kantoor- en bevoorradingstroepen van de Wehrmacht worden ingezet.

Die SS-Landstorm-Nederland-brigade telt een paar duizend manschappen. De leden krijgen werk, huisvesting en voedsel. Zelf blijven ze mooi gevrijwaard van dwangarbeid. Zo gaat dat.

Lees meer over de Organisatie en uitvoering van bouwwerkzaamheden aan de Panther-Stellung.

(Bron citaat: Gelders Archief 1557 – 1094, Dagboek over de periode 11 november 1944 – 15 februari 1945, W.G. Boekensteijn, Rotterdam.)

© 2022 Copyright Graven in de vuurlinie.